Auteur
Melissa Bons
Onderdeel van:

8 december 2025   •   4 min. leestijd

Wanneer heeft een werknemer recht op een transitievergoeding?

In de meeste gevallen heeft een werknemer recht op een transitievergoeding als de werkgever besluit het dienstverband niet voort te zetten. Dat kan bijvoorbeeld in de volgende situaties:

  • als het dienstverband tijdens de proeftijd wordt beëindigd;
  • als een tijdelijk contract niet wordt verlengd door de werkgever;
  • als het contract eindigt met toestemming van het UWV of de kantonrechter.

Het kan zelfs voorkomen dat een werknemer recht heeft op een transitievergoeding wanneer hij of zij zelf ontslag neemt. Dit geldt alleen in uitzonderlijke en ernstige gevallen, zoals (seksuele) intimidatie of discriminatie door de werkgever. In zo’n situatie kan de werknemer via de kantonrechter ook nog een extra, billijke vergoeding vragen.

Wanneer is er geen recht op een transitievergoeding?

In sommige situaties hoeft de werkgever geen transitievergoeding te betalen, ook al eindigt het dienstverband. Dat is bijvoorbeeld het geval wanneer:

  • de werkgever failliet is verklaard of surseance van betaling heeft aangevraagd;
  • het dienstverband met wederzijds goedvinden is beëindigd;
  • het ontslag het gevolg is van verwijtbaar gedrag of nalatigheid van de werknemer (zoals bij ontslag op staande voet);
  • de werknemer een gelijkwaardig of beter contractaanbod afwijst;
  • de werknemer jonger is dan 18 jaar en maximaal 12 uur per week werkt;
  • de werknemer de AOW-leeftijd heeft bereikt.