Auteur
Melissa Bons
Onderdeel van:

23 september 2025   •   6 min. leestijd

Ontslagprocedures voor werkgevers

Voor jou als werkgever is het belangrijk om zorgvuldig en juridisch correct te handelen bij het beëindigen van een arbeidsovereenkomst. Ontslagprocedures zijn vaak complex en kunnen grote gevolgen hebben voor zowel werknemer als werkgever. Een verkeerde keuze kan leiden tot hoge kosten, langdurige geschillen of zelfs vernietiging van het ontslag.

In dit artikel lees je hoe je als werkgever het ontslagproces beheerst, welke routes er zijn om een dienstverband te beëindigen en hoe je voorkomt dat een werknemer gaat procederen. Hieronder lees je de meest relevante situaties, inclusief aandachtspunten, risico’s en tips om helder en zorgvuldig te werken.

Ontslagprocedures

Ontslagprocedures zijn belangrijk voor werkgevers omdat je alleen een werknemer mag ontslaan wanneer er een redelijke ontslaggrond bestaat én je die kunt onderbouwen met feiten. De gekozen procedure bepaalt welke documenten, onderbouwing en termijnen verplicht zijn. Een werkgever kiest meestal tussen ontslag via het UWV, ontbinding via de kantonrechter of beëindiging met wederzijds goedvinden.

Bij iedere route gelden andere regels voor opzegtermijn, toestemming, transitievergoeding en eventuele extra vergoeding wanneer sprake is van ernstig verwijtbaar handelen. Hieronder zetten we de meest voorkomende ontslag situaties op een rij, zodat jij gericht kunt beoordelen welke procedure het beste past.

WW-uitkering

Veel werkgevers vragen zich af welke gevolgen ontslag heeft voor de WW-uitkering van een werknemer. In beginsel geldt: wanneer het ontslag niet aan de werknemer te verwijten is en de werknemer actief beschikbaar is voor werk, kan de uitkering worden toegekend. Een paar aandachtspunten:

Bij ontslag op staande voet kan toekenning worden geweigerd, omdat dit vaak als ernstig verwijtbaar wordt gezien.
Bij wederzijds goedvinden blijft het recht op uitkering in stand, mits het ontslag niet verwijtbaar is en de juiste opzegtermijn wordt gerespecteerd.
Bij een ontslagvergunning van het UWV is de situatie meestal duidelijk: het UWV heeft dan al vastgesteld dat de werknemer niet goed functioneert, dat bedrijfseconomische redenen bestaan of dat langdurige arbeidsongeschiktheid aan de orde is.

Voor jou als werkgever is het goed om te weten dat werknemers regelmatig vragen stellen over WW. Een helder dossier en correcte procedure helpen misverstanden te voorkomen.

Ontslagprocedure UWV

Een ontslagprocedure starten bij het UWV is vereist in twee situaties: bedrijfseconomische redenen of langdurige arbeidsongeschiktheid. Op beide gronden speelt toestemming van het UWV een centrale rol.

Bedrijfseconomische redenen

Wanneer reorganisatie nodig is, bijvoorbeeld door omzetdaling, automatisering of sluiting van afdelingen, kun je een ontslagvergunning aanvragen. De werkgever dient hierbij duidelijke financiële onderbouwing, formatieoverzichten en het afspiegelingsbeginsel toe te lichten.

Langdurige arbeidsongeschiktheid

Is een werknemer langer dan 104 weken ziek en is herstel binnen 26 weken niet te verwachten, dan kun je via deze procedure toestemming vragen voor ontslag. Het UWV beoordeelt het re-integratiedossier en kijkt of herplaatsing mogelijk is.

Wordt toestemming verleend, dan mag je opzeggen tegen de juiste opzegtermijn. Wordt toestemming geweigerd, dan kun je alsnog de kantonrechter vragen om ontbinding.

Werknemer gaat in verweer

Een werknemer gaat steeds vaker de beslissing nemen om juridisch verweer te voeren, zeker wanneer het verrichten van het ontslag onvoldoende onderbouwd lijkt. Een werknemer kan een verweerschrift indienen bij de kantonrechter wanneer jij als werkgever een ontbindingsverzoek hebt gedaan. Ook kan een werknemer hoger beroep gaan wanneer de uitspraak nadelig uitpakt. Dat brengt extra proceduretijd en kosten met zich mee. Zorg dus voor:

  • Een volledig en feitelijk ontslagdossier
  • Schriftelijk vastgelegde gesprekken
  • Bewijs dat je de werknemer tijdig hebt geïnformeerd
  • Een dossier dat laat zien dat herplaatsing is onderzocht

Een goed opgebouwd dossier voorkomt dat de rechter de ontbinding afwijst.

Hoger beroep

Wanneer de rechtbank een uitspraak doet en jij of de werknemer het daar niet mee eens is, kan hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof. Het is voor werkgevers goed om te weten dat hoger beroep vooral kansrijk is wanneer de rechtbank fouten heeft gemaakt bij het beslissen van een zaak of onvoldoende rekening heeft gehouden met de onderbouwing van jouw verzoek. In uitzonderlijke situaties volgt daarna cassatie bij de Hoge Raad, maar dat gebeurt zelden in arbeidsrechtelijke geschillen.

Hoger beroep heeft wel gevolgen: langere proceduretijd, meer kosten en onzekerheid over de uitkomst. Daarom wordt deze stap vooral gezet in zaken met grote financiële of strategische impact.

Staande voet

Ontslag op staande voet blijft een van de zwaarste maatregelen in het arbeidsrecht. Het mag alleen wanneer sprake is van een dringende reden die direct schriftelijk wordt gecommuniceerd aan de werknemer. Denk aan diefstal, fraude, geweld of andere ernstige misdragingen.

De voorwaarden zijn streng:

  • De reden moet onmiddellijk worden meegedeeld
  • Het ontslag moet onverwijld plaatsvinden
  • De gedraging moet ernstig genoeg zijn dat voortzetting van de arbeidsrelatie niet kan worden verwacht

Bij een procedure beoordeelt de rechter of het ontslag terecht was. Wanneer de rechter anders beslist, kan je verplicht worden loon door te betalen en zelfs een ontslagvergoeding of transitievergoeding te betalen.

Arbeidsrechtelijke tips voor managers bij ontslag

Tot slot enkele praktische adviezen die jou helpen zorgvuldig te handelen in ontslagzaken:

  • Zorg dat elk gesprek schriftelijk wordt bevestigd en bewaar alle documenten in een actueel ontslagdossier.
  • Onderbouw feiten altijd zorgvuldig, zodat je verzoek geloofwaardig en volledig is.
  • Let op de opzegtermijn en controleer eventuele afspraken in het arbeidscontract zoals het tussentijds opzegbeding.
  • Denk strategisch: soms is een route via wederzijds goedvinden sneller en goedkoper dan procederen.
  • Gebruik een vaststellingsovereenkomst wanneer jij en de werknemer gezamenlijk tot beëindiging komen, maar bewaak de juiste formuleringen zodat het recht op uitkering behouden blijft.
  • Vraag tijdig juridisch advies wanneer geschillen ontstaan of wanneer de werknemer voor een procedure kiest.

Bij ontslag draait alles om zorgvuldigheid, het correct volgen van de procedure en het vastleggen van gemaakte afspraken. Door helder te werken, beperk je risico’s, voorkom je langdurige procedures en zorg je voor een professionele beëindiging van de arbeidsrelatie.

Veelgestelde vragen over ontslagprocedures voor werkgevers

De snelste route is ontslag met wederzijds goedvinden. Hierbij maken werkgever en werknemer samen afspraken die worden vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst (VSO). Omdat er geen tussenkomst van het UWV of de kantonrechter nodig is, kan het dienstverband op korte termijn en zonder juridische procedure worden beëindigd.

De ontslagroute hangt af van de reden (de ontslaggrond):

  • UWV: Bij bedrijfseconomische redenen (reorganisatie) of langdurige arbeidsongeschiktheid (>104 weken).
  • Kantonrechter: Bij persoonlijke redenen, zoals disfunctioneren, een verstoorde arbeidsrelatie of verwijtbaar handelen van de werknemer.

In principe heeft elke werknemer vanaf de eerste dag van het dienstverband recht op een transitievergoeding als het initiatief voor ontslag bij de werkgever ligt. Dit geldt ook bij ontslag via het UWV of de kantonrechter. Alleen bij ernstig verwijtbaar handelen van de werknemer (zoals bij een terecht ontslag op staande voet) kan de vergoeding vervallen.

Een waterdicht ontslagdossier is cruciaal. Zorg voor:

  • Schriftelijke bewijzen van waarschuwingen of verbetertrajecten.
  • Documentatie waaruit blijkt dat herplaatsing binnen de organisatie is onderzocht.
  • Naleving van de wettelijke opzegtermijn.
  • Een feitelijke onderbouwing van de ontslaggrond.

Ja, mits de vaststellingsovereenkomst "WW-vriendelijk" is opgesteld. Dit betekent dat het initiatief voor ontslag bij de werkgever moet liggen, er geen sprake is van een dringende reden (verwijtbaarheid) en de fictieve opzegtermijn correct in acht wordt genomen.

Ontslag op staande voet is een uiterst middel. Als een rechter achteraf oordeelt dat de reden niet "dringend" genoeg was of het ontslag niet "onverwijld" is gegeven, kan de werkgever worden veroordeeld tot het betalen van achterstallig loon, een transitievergoeding en een billijke vergoeding.